23-08-10

IN DE TUSSENTIJD

 

john frederick kensett24.jpg

 

Nog niet de nacht, maar ook geen dag.

Het schemert steeds

tussen de tijd

waarin gestorven en geboren wordt.

 

Minnaars van de schemering

hebben zoete ogen en een bittere mond.

Wie de dag snoeit, ent de nacht

in glazen tuinen waar wij overwinteren.


Een kast vol zoete nachten en bittere dagen.

Glad gestreken op klerenhangers van het geheugen

zijn ze geprikte vlinders achter glas.

Geleerde commentaren en boenwasgeuren

maken hen verder onbewoonbaar.

 

Het voorbije, een pied à terre

waarin je wegzakt,

een tranerige slijkgrond,

een vervalste waterzon

die schroeit noch droogt.


Anderen schrijven het protocol van het toekomende:

zuinigheid en zelfbeheersing

waarborgen een ivoorwitte oude dag.

 

Ik ben een jongen van de tussentijd.

Een verwaaide ziel in de schemering.


Tussen papierriet woon ik

waar wonderlijke wezens ademen.

De waagschaal weegt wat was en komt.

Een lettergieterij, kanariezaad,

een hart in een sint jacobsschelp,

genezen maanblindheid en dagdromerij.

 

 

sunset at sea jfk.jpg

 

schilderijen zijn van de Amerikaanse schilder John Frederick Kensett

 


 

 


11:29

18-08-10

WENDINGEN

 

li120.5 W48.R.jpg

 

Waarom

draait de rivier,

sterft het kind,

staan de koeien, gat naar de wind,

breekt een vriend je de nek,

kust een onbekende je op de lippen,

ratelt de regen,

verblijven wij op aarde,

zingen de monniken,

stinken kranten naar leugens,

stijgt de temperatuur,

gooien mensen zich op de grond voor god,

grijpen wij naar goud en zilver,

verbergen wij onze angsten

lezen we op het toilet,

en verlaten wij het leven,

terwijl de merels zwijgen.

 

Wendingen zijn het, kind,

wendingen die ons

tot een roerloos cocon omwinden.

Wat gisteren was, zal morgen zijn.

 

 

Het regent sterren terwijl je slaapt.

 

grafiek: El Lissitsky, 1921

 

 

23:41

04-08-10

MET EEN HUIS IN ZIJN HART

 

Reliquary,-porcelain.jpg
Met een huis in het hart
-verguld, dat is waar-
vermengen wij de hete melk
met alledaagse koude brokken.
Hier was ik  thuis.

Waar ik een kind was,
waar de dagen zondag zijn
of school,
of vakantie zonder eind,
waar moeder zong en vader zweeg.
Daar was ik thuis.

Met uitzicht op nergens,
een tuin vol zure kriekenbomen,
maar ook de donkere dagen
voor de komst van de goedheilige,
wonderen in het schaarse licht
van etalages en kerken
(puer natus est).
Was ik daar thuis?

Veel te vroeg in bed
want morgen was er weer een dag,
vlotten vlijt
op de trage rivier zonder verloop.
God zag alles, de familie ook,
en schuld kreeg je gratis
bij geheime pretjes zonder naam.
Hier ben je thuis.

Een kuise nacht heel dicht bij jou,
-de meisjes waren vroeg naar huis-
voor het ouderlijk vuur gezeten,
kusten wij elkaar,
en eindelijk, enkele seconden,
was ik thuis.
Keramiek is van Pamela Stern

 

17:05