12-06-10

SOMS DENK IK DAT ZIJ ER ZIJN

 

ENGELEN


Kijken niet naar ons,

want wie in licht leeft

ziet de zwarte vlekken niet.


Lijken helemaal op ons,

want wie in duisternis schildert

wordt door hun licht bekoord.


Wijken niet van godes zij,

-maar god heeft brede schouders naar het schijnt-

want met hoger heimwee beladen

is hun honger ook hun brood.


Bereiken onze hoofden

bij vlagen van verbijstering,

het geluid van opstijgende duiven

en zware geuren na een zomerdag

verraden hun aanwezigheid.


Blijven als het donker wordt

en schrijven in jouw armen

de letters van een onsterfelijk ogenblik.


Lammetjes blaten

terwijl wij zachtjes hun tranen wegkussen.

17:05

De commentaren zijn gesloten.