05-04-10

KETTERS GEBED VOOR DE PAASTIJD

 

44824i

 


Johannes hoofd van 't lijf gehakt

wordt nog zijn tong doorprikt

uit schrik dat uit die dode mond

de waarheid blijft weerklinken,

zoals de witte kruisjes hier te lande

de waanzin

van oude Europese heren verkondigen.


Zijn neefje

echter noemde de dingen bij hun naam,

zat bij de zondaars aan tafel

terwijl de bange leerlingen het op een lopen zetten.

(een Romeinse lange-afstandskoers tot vandaag)


Of gij gods zoon zijt, of een aards bevlogene,

of gij ten hemel zijt gevaren

of nog in holle kerken huist,

vissers van vlees en bloed

gingen u achterna,

uw woord was pijnlijk waar maar liefdevol.


In de deemstering van kerkers

tot op het schandelijk slavenkruis,

ja met gods verlatenheid geplet,

klonk uit uw mond

uw liefde

voor de naakte medemens.


Te veel om in religie te vergieten,

waart gij in ons drukke leven rond,

en of gij in brood en wijn

aanwezig zijt, of purperen mantels draagt,

gij loopt zwijgend met ons mee

tot wij, even voor Emmaüs

u herkennen,

wij, die alle waarheidstongen graag doorpriemen

en zelfs de doden met levenslang bedenken.


Waart gij slechts de schim, een waan

uit onze arme hersenpan,

de weg naar waarheid is er niet minder om.

Zoveel liefde

mag uit elke bron mijn verdroogde hart besproeien.

 

 

 

 

ArtistAttributed to Grebber, Pieter de (Dutch artist, ca. 1600-ca. 1653)
TitleHerodias Mutilating the Severed Head of Saint John the Baptist held by Salome
Date earliest1620
Date latest1630
Materialoil on canvas
Measurements116.7 x 94 cm
Description

Salome holds the severed head of St John the Baptist while Herodias pierces his tongue with a pin. This rare subject is derived from a sentence of St Jeromes Apologia adversus Rufinum, and is an example of the too-late suppression of the truth. The painting is an example of various methods of torture and execution and of the abuse of body-parts. The pomegranate in the velvet fabric cloak is a symbol of immortality and fertility in Middle Eastern religions. The painting is attributed to the Flemish seventeenth-century artist, Pieter de Grebber.

Letters from Keith Andrews, the Rijksmuseum Het Catharijneconvent, Utrecht, Holland and Dr Peter Sutton of the Boston Museum of Fine Arts who has seen the painting are on file at the Wellcome Library. The artist is believed to be Pieter de Grebber. This was suggested by Sutton who is writing the catalogue raisonné on the artist but he did not wish the 'attributed' title removed. The artist normally signs his works with a monogram on the top left corner and Sutton, who has seen the painting, was surprised that the work is not signed. Sutton believes that there are similarities in this work with that of the Flemish artist Jordaens but also in part with de Grebber's later style - in his use of the grey ground to suggest the modelling. However, Sutton also points out that the use of bright red was not common to de Grebber's later works. Andrews suggested that the artist might also be Paulus Bor. The artist Salomon de Bray should also be considered.

 

 

 

 

 

 

 

13:32

De commentaren zijn gesloten.