01-10-11
ZOU JE DAN?

Mocht je weten
hoe ver ik ben,
hoe ik zelfs de horizon niet meer ruik
en doof ben voor het roepen van de maan.
Zou je dan
-al had je slechts kartonnen vleugels-
scheep willen gaan
met de man die zichzelf verloren legde
op de zolder, met één sterretje
zichtbaar door het kleine dakraam?
17:10 | Commentaren (0) | Email dit
09-09-11
OPRUIMING

Na een aantal maanden moet je opruiming houden in het atelier.
Enkele teksten overleefden voorlopig.
Woorden zijn moeilijke wezens: er staat inderdaad nooit wat er staat.
Woorden zijn week, wak of te brutaal.
Maar schilderen kan ik niet, dus blijf ik verder zoeken.
Ik ben bang geworden van woorden.
De stiltes halen het met ruime voorsprong.
Misschien dienen woorden om op een heldere manier stiltes hoorbaar te maken.
16:23 | Commentaren (0) | Email dit
27-05-11
VER KUNNEN KIJKEN

Je zult het wel begrijpen, moeder,
sinds ik thuis ben moeten alle ramen open,
drinken mijn ogen zich zat aan verten,
proef ik buitenlucht liever
dan de zoetste vruchten van het seizoen,
zijn de sterren mijn zuinige lampjes
terwijl de maan
met koude wangen langs mijn hart strijkt,
kind aan huis werd, mijn kale hemelhond.
Zo lang buitenkijken
waar kastelen en gestolde heuvels net
voor de horizon zich te slapen legden,
is voor een kinderziel genoeg,
is eindeloos je armen strekken
-je weet hoe goed ik daarin was terwijl ik je naam riep-
en einderloos opgaan
in zachte avonden waar vertellers thuis zijn
en schemer mijn jongenskrullen wast.
Wat waren we goed in hunkeren;
-reuzen in pyjamaatjes-
op het puin van Jericho kropen we
om ver genoeg te kunnen kijken.
Johan Christian Dahl (Norwegian, 1788–1857)
View of Pillnitz Castle, 1823
Oil on canvas; 27 1/2 x 17 7/8 in. (70 x 45.5 cm)
Museum Folkwang, Essen
09:36 | Commentaren (0) | Email dit
05-05-11
HET OPEN VENSTER

Hier kijk je op de Elbe die Dresden aandoet
voor de vuurzee honderd jaar later
de stad verwoestte: geen binnen en buiten meer,
maar binnenstebuiten was wat overbleef.
Hier kon de schilder nog
lichtverlangen in schilderwerk vertalen.
Zoals wij nu, onwetend van latere rampen
vanachter het raam hen uitwuiven
of bij zomerdagen
gulzig drinken van het licht
terwijl ligusters bloeien
zonder zich om jaartallen te bekommeren.
Achter al die vensters gloeien
's avonds zachte ogen, beven schaduwen
terwijl zij elkaar omstrengelen
en achter de horizon van zetels en bedden verdwijnen.
Hoorde je de rivier, Friedrich?
De kreten van schippers en venters;
voelde je dat hun achterkleinkinderen
de naam Dresden met een smaak van houtskool
in de boeken zouden achterlaten?
Sloot je daarom in de schemer het venster
en zei je zacht:
Het is nog frisjes, lief. Zullen we gaan slapen?
| Caspar David Friedrich (German, 1774–1840) View from the Artist's Studio, Window on the Left, ca. 1805–06 Graphite and sepia on paper; 12 3/8 x 9 1/4 in. (31.4 x 23.5cm) Belvedere, Vienna |
|
| Friedrich's studio in Dresden faced the river Elbe. In this work and the previous work the artist focused less on the panoramic view of the Elbe than on achieving a finely tuned balance between the darkened interior and the bright outdoors. |
12:15 | Commentaren (0) | Email dit
25-03-11
LENTE

Daarentegen
legt het licht zijn zachtste vingers
over de voorbije winter,
zingt zoals een kind
-nog met verdroogde lippen-,
opgeborgen in zijn eenzaamheid,
- zijn roze stem schildert bloesems-
verdunde hevigheid, aquarel doorzichtig:
het land heet Felix en Wolfgang in één ademtocht.
Zelfs mijn ogen
luisteren.
Lente
Van Dongen, Kees.
Oil on canvas. 81x100.5 cm
France. 1908
Source of Entry: State Museum of New Western Art, Moscow. 1948
11:48 | Commentaren (0) | Email dit
20-03-11
KOELE MOEDER IN HET DUISTER

De laatste volle maan
voor hij uit de doden kwam
waart gij vannacht.
Koele moeder in het duister
waarin alleen de winter lispelt.
Geen morzel lente geeft gij ons cadeau,
maar met bijzondere helderheid
zat gij in de hoogste takken
van de immer groene cederboom,
zuster van de triestigheid,
spiegel van de ploert
die 's zomers weer de grond verpulvert,
vader van het al.
De slapelozen
zuiveren hun tekort aan dromen
bij uw kale-knikker-licht.
Ze zuchten bij het raam
en zien de daken schemeren waaronder
bewustelozen op de zondag wachten,
-met open mond, of erger, snurkend,
en in een oud gebaar
de duim tussen de verdroogde lippen,
-o, 't verspilde helder boven de cederstam-.
Genadeloos schuif gij naar het midden van de tuin
waar we als kinderen weldra eieren zochten,
en zonder krimp
belicht uw kalme licht
de geknakte varens, de kale bomen in de knop.
Achter vele ramen
maken slapelozen een vuist.
scilderij:
Joseph Mallord William Turner (1775-1851)
Moonlight, A Study at Millbank
Oil on panel
1797
40.5 x 31.5 cm
(15.94" x 12.4")
Tate Gallery (London, United Kingdom)
18:30 | Commentaren (0) | Email dit
28-02-11
IN DE LEEGTE

De zittende,
de armen gekruiste,
de opgerolde,
ik ben nog heel wat.
Rondom de leegte
hou ik de wacht, onthoofd,
de voeten weggemaaid
zelfs in mij leegte,
als vulsel voor het dankuwel-feest,
want drommels doen het goed.
Het overschot aan medelijden
maakte de leegte nog leger.
Dankuwel dus.
Noli me tangere.
Blijf van mijn leegte
tot ik er zelf weer bij kan.
Ik wacht gewoon
eens de lucht me optilt
en ik aan een touwtje
aan je handje mag hangen.
Als jij danst, dans ik noodgedwongen mee.
Ween niet
als je mij op een morgen verschrompeld
in het hoekje van je speelkamer vindt.
Dat ben ik niet meer.
Ik ben eindelijk de mooie leegte.
Je kunt mij inademen
en je in mijn zachte bedding te slapen leggen.
Ik omgeef je graag.
23:54 | Commentaren (0) | Email dit
22-02-11
ENGELEN OP BEZOEK

Vaak heb ik met hen gedineerd, ik, de engelenzot.
Niet dat ze veeleisend waren of heilig-heilig-heilig hijgden,
-het kruim der heerscharen wist zich te gedragen-
maar hun jaloerse blik was nauwelijks te bedwingen
eens ze hun boodschappenlijstje verkondigd hadden.
Het ene woord gevleugder dan al de anderen, gezang
hun taal, hun beminnelijkheid boven alle twijfel,
-de juiste mengeling tussen vrouw en man was ook niet mis-
maar dat sissen als ze' t over mensen hadden,
die domme speeltjes van hun goddelijke opperheer.
Volmaaktheid is vermoeiend hier op aarde, muziek
der sferen zoet het oor en 't ruisen van hun pluimen vleugels,
-duizend duiven verven trillingen van de wereldzee-
ronden de big bang maar zetten ook de tijd aan 't werk,
terwijl zij in het eeuwig nu vervulling vinden.
Verwachten en vergeten is alle mensen ingegoten
toen zij de tuin verlaten moesten.
-Het gisteren en het morgen dus,-
daarover praten maakt engelen onrustiger dan god vervloeken.
Lucifer zocht niet de macht, maar het ogenblik
waarin hij god vergeten kon en weer verlangen
naar zijn verbijsterend licht ontstond.
Die dodelijke mengeling die engelen ontberen.
Abraham and the Three Angels
Rembrandt Harmensz. van Rijn (?); Victors, Jan (?).
Oil on canvas. 121x162 cm
Holland. Late 1630s - early 1640s
Provenance: between 1763 and 1774
16:12 | Commentaren (0) | Email dit
23-01-11
DE WARE NACHT
Dieven, dichters en drinkebroers logeren in de nacht, geliefden
Trekken kroonkurken van de donkerte, baden zich met huurlingen
In een overschot aan trekkebekken en woordenpraal, kliefden
Jouw uitgegroeide stilte in gemakkelijke poëtische hebbedingen.
Dansers, dromers en dijenkletsers likken de hielen van de nacht,
Verknoeien toegangswegen tot het niemandsland met verzinnen
Van amoureus hartezeer voor weinig kopergeld gratis thuisgebracht,
Op zilverschermen uitgesmeerd en eindeloos te herbeginnen.
Geen allegorie maar een alleenverkoop is de ware nacht, duisternis
Met een afschuwelijk gehalte aan gemis, jouw dood als nom de guerre.
Wat in de donkere kamer nog zichtbaar wordt, jouw opalen beeltenis
Verbrandt het heimwee niet. Bloemetje uit het verdoemde vers van Baudelaire.
(Un soir fait de rose et de bleu mystique,
Nous échangerons un éclair unique,
Comme un long sanglot, tout chargé d'adieux ;
Et plus tard un Ange, entr'ouvrant les portes,
Viendra ranimer, fidèle et joyeux,
Les miroirs ternis et les flammes mortes.
Uit: La morts des amants, Charels Baudelaire)
18:47 | Commentaren (0) | Email dit
11-01-11
TWEE MANNEN IN HET MAANLICHT

In feite was het verboden,
fixeer je niet op hun mannelijke kant, schilders immers
zijn als drinkebroers;
wie enig vermoeden heeft van andere zaken
kan een klacht indienen
of een ingezonden stuk lanceren.
Hier staan de schilder Caspar David Friedrich
en zijn collega August Heinrich,
beiden in het maanlicht, een praktijk
die in romantische dagen nergens opzien baarde.
Maar dat zij kleren dragen als weleer de Duitsers deden
werd door ultra conservatieve heersers
streng verboden in de restauratietijd.
Radicale studenten tooiden zich bij voorkeur
in traditionele spullen, zoals een jeansbroek
vloeken was in de nadagen van expo 58.
De elegante Robert de Montesquiou zou juichen
als hij ons in pantalon, gilet en vest
de maan zag bekijken.
Twee dandy' s in het maanlicht.
Een protest tegen de stijlloze wreedheid
waarin wij ten onder gaan.
schilderij: Twee mannen mediteren in het maanlicht, 1825-30
Casper David Friedrich (Duitsland 1774-1840)
19:10 | Commentaren (0) | Email dit
31-12-10
HART, WEES NIET BANG OM IN DE UITVERKOOP TE STAAN.

Hart, wees niet bang
om in de uitverkoop te staan.
Beschreven en bedrukt,
teleurgesteld, verrukt,
geworteld in een lach, een traan.
Tweede- en derdehands,
honinghart bij bleke maan.
Hart, wees niet bang
om in de uitverkoop te staan.
Al wat een oud hart eens doorstond,
is in zijn logboek bijgeschreven:
het wachten, en de open wond,
de scherven en een verraderslont,
goedkope woorden met olie ingewreven.
Certificaten heeft het niet, de kilometerteller
is stiekem wel eens teruggedraaid.
Bij een omarming slaat het sneller
dan voorzien , maar geheel verfraaid
met papieren bloemen kleurt het feller,
al is de kanker uitgezaaid
in het land der herinneringen.
Ja, het kan nog altijd zingen,
eerder bedaard, maar waait
de geest weer waar hij wil
dan draait het naar de kern der dingen
en fluit het stil
een liedje voor het touwtjesspringen.
Hart, wees niet bang
om in de uitverkoop te staan.
Beschreven en bedrukt,
teleurgesteld, verrukt,
geworteld in een lach, een traan.
Tweede- en derdehands,
honinghart bij bleke maan.
Hart, wees niet bang
om in de uitverkoop te staan.
schilderij: Jonge man die een boek vasthoudt, ca. 1480
Meester van zicht op de Sint Goedele
10:32 | Commentaren (0) | Email dit
23-12-10
LEGT ZIJ HAAR KOUDE WITTE MANTEL

Legt zij haar koude witte mantel
waaronder geluidloos wordt geslapen.
Sluit zij de naden en de gaten met poedersuiker
en laat zij dichterlijke kelen
hun heimwee naar de reinheid
kreunen, of toen zij nog kinderen
waren en hun stemmetjes weerkaatsten
als ze op bevroren wateren schaatsten
en moeders warme chocolade maakten
die in bruine vlekken zich met snot vermengde,
en mama, mama, nog, nog,
de geur van korte dagen en gekapte sparren
in hun geheugens zou bevriezen;
dat legt zij onder haar koude witte mantel,
de herinnering,
mijn ijsprinses.
Legt zij haar koude witte mantel
over rommel en rattenholen, het geblaas
en het gemekker, zwijgend als een kind
dat zijn geheimen deelt voor het als een ster
de verglaasde hemel siert, ook over zoveel
ogen-blikken spreidt zij haar vlokkendeken,
verbergt zij wat te lang het licht zag en verbleekte
bij gereutel en geratel van de persen,
vernevelt zij vergeten in de zware traagheid
waarmee zij op de daken ligt,
de herinnering,
mijn witte fee.
Legt zij haar koude witte mantel
over de nacht toen wij nog jongens waren,
en wij in stilte aan elkaar gebonden
het lied van zoveel witheid in ons voelden,
zoals de merel voor het gras zingt
en de koekoek gaatjes in de zomer roept,
en wij door ademlanden op het glas
de sneeuw hoorden alsof het melk en honing was
en het beloofde land aan onze voeten lag,
o, die herinnering,
mijn koningin van de nacht.
schilderij: Frieda Kniep, Winterlandschap, olie op plaat (zie www.timelessartcollection.eu)
11:54 | Commentaren (0) | Email dit
11-12-10
EERWAARDE HEER WALKER SCHAATST

Hier schaatst eerwaarde heer Walker over 't ijs
van Schotse wateren, helemaal in 't zwart
met naar zijn rang en stand een witte bef, het rechterbeen
bevallig in de lucht, de blik op god gericht en d'ene hand
veilig weggestoken ter hoogte van het hart terwijl
de andere onzichtbaar is op Raeburns prent.
Frivoliteit is niet aan hem besteed.
Het ijs beschreven met de sporen van zijn omgorde voeten
draagt nu naar 't bijbels woord gods man, zoals zijn heiland
over 't water liep en slechts geloof als waarborg
voor dit wonder predikte, niet denkend aan de Schotse schaatser
die na gebeden en gezang de kou liet opdraaien
voor zijn kunst het water sierlijk te bedwingen.
Op 't ijs van groot gelijk en 'ziet-ge-wel' lopen nu
de redders der moraal, eens in hun ogen gods dienaren
gezonken zijn in de poel van oude koeien waar gesmoord geloei
de waarheid en niets anders dan de waarheid gassen stuwt
die in nachtelijke herinnering ontstoken dwaallichten worden
waarachter de demonen zich verkneukelen in zoveel angst.
Kruistochten zijn hier volksvermaak, en wie in comissies 't hardste kraait
vergeet zijn eigen mesthoop te beschrijven.
schilderij:
Sir Henry Raeburn (1756-1823)
The Reverend Robert Walker Skating
Oil on canvas
c1790-c1795
National Gallery of Scotland (Edinburgh, United Kingdom)
17:22 | Commentaren (0) | Email dit
03-12-10
EEN ENGEL

Voor de deur van mijn slaapkamer stond hij,
ter informatie zei hij:
ik ben een engel, man.
Een zwarte engel, zei ik.
Je komt uit mijn hoofd, of denk je dat het duister
je donkerte goedpraat?
Hij antwoordde niet en liet me gaan.
Toen ik terugkwam, was hij verdwenen.
Met niet alleen mijn blaas, maar ook mijn hoofd
geleegd kon ik op de morgen wachten.
In die laatste slaap kwam mijn dode vader
nog op bezoek.
Hij was dertig en glimlachte
zoals alleen de doden kunnen glimlachen.
Ontdaan van elke bijbedoeling,
de glimlach van een boreling.
De tekening is van: Ercole or Giulio Cesare Procaccini (Italian, 17th century)
12:30 | Commentaren (0) | Email dit
16-11-10
AFWEZIGHEID

Alsof je straks, bij 't vallen van de nacht
thuiskomt,
en wij de buitenlucht in je krullen
zullen ruiken
als wij je zachte wangen kussen, lief.
Alsof je, in de vroegte van de dag
thuiskomt,
en wij het donker in je ogen
zullen zien
als wij je lippen kussen, lief.
Alsof je, in de zwaarte van de middag
thuiskomt,
en wij de kromming van je armen
zullen voelen
als wij omarmd je zwijgen horen, lief.
Zo wachten wij de dood voorbij.
het schilderij is van de Deense schilder Georg Nicolaj Achen (1860-1912)
10:12 | Commentaren (0) | Email dit
09-11-10
ZEEPBELLEN

Was met het eigen spiegelbeeld niet ontevreden,
zoals degenen op de rand van kind naar man
de weemoed liefhebben:
die mooie mix van meisjesjongen, de tijd
waarin weerkaatsingen voor waar genomen,
ontkennen dat er een later is, de boeken
liggen klaar, de wingerd aan de muur verdort.
Blies de bellen waarin zijn beeld gespannen en gerond,
de kamer in een vel van zeep gevangen houden,
het niets en alles, het heelal en ogenblik,
ongrijpbaar zoals hijzelf het dunne vlies verlaten zal:
een man moet zijn, daarna een ouderling. Vlugger dan
herinnering vergeet de spiegel zijn vroege vangst.
Hij kijkt en weet.
Het schilderij is van Thomas Couture (1815-1879)
09:51 | Commentaren (0) | Email dit
29-10-10
IN WONDERLAND

Alsof de rozen hun tijd niet kennen
legde hij op het koude marmer zijn zakhorloge,
-but Alice isn't here anymore-
zit op school en worstelt met staartdelingen
en de dt als zij tegenwoordig is.
Maar toverde mijn kamer om tot winkel, bediende
onzichtbare klanten, was even station, verkocht
daarna ook ticketten voor verre landen,
hing voor mijn boeken kaarten van Australië
en voor bijna geen geld kon je van daaruit naar Italië.
Leert zoals de rozen luisteren naar het tikken,
kijkt in de spiegel en wil nog niet uit Wonderland,
hoopt dat rozenblaadjes de wijzers lang bedekken,
hamsters een oneindig leven hebben
en allerzielen voor bejaarden voorbehouden blijft.
Terwijl zij de treinen naar Mongolië omroept
bloeien in de laatste uren van de zomertijd
de rozen in mijn hoofd.
het schilderij is van de Hollandse schilder Willem van Aelst, 1626-1683
10:21 | Commentaren (0) | Email dit
20-10-10
VOOR DE VOORSTELLING

Niemand is nog wie hij was.
Loodgieter werd Pierrot,
hoedenverkoopster nu een vrouw van stand
en de pastoor drukt doodsbrieven
terwijl de geliefde bier tapt,
de landeigenaar kinderen onderwijst
en de edelknaap glazen wast.
Onder hun pruiken, in brokaat gekleed
wachten zij, bevolken zij de kleedkamer,
zweven zij tussen wie ze waren en wat ze moeten zijn,
bladeren zenuwachtig door de tekst
en voelen tussen hun schouderbladen
de vleugels groeien waarmee ze uit dat dagelijks lijf gekropen
over de dorpse dagen heersen.
De hoedenmaakster glimlacht vanuit haar pas verworven hoogte,
de drukker zegent herderlijk Pierrot,
de landeigenaar lonkt naar de edelknaap.
De nar zegt dat hij dringend kakken moet.
De lichten doven.
De geliefde zucht.
Het schilderij 'voor de voorstelling' is van de Belgische schilder Constant Wauters (of Wouters) 1826-1853
10:31 | Commentaren (0) | Email dit
13-10-10
MOEDER EN KIND IN DE WIND (1907)

Op platinumplaat gedrukt
moeder en dochter in de wind van 1907.
De nieuwe eeuw stuurde zijn stormen
in deze wilde vlagen vooruit.
Even de hoedrand loslaten
en blootshoofds
wuiven ze hun man en vader uit.
Grootschalig sterven op het menu.
Wie de treinen in beweging zet,
trapt het draai-orgel van de dood in gang.
Adieu, mein kleine garde officier.
In de zachte wind der jaren
is zij vanzelf met hem opgelost
en werd het kind de vrouw, en vrouwen
wuiven steeds opnieuw hun mannen uit.
Leb' wohl, mein Schatz, leb' wohl mein Schatz,
Leb' wohl, lebe wohl
Denn wir fahren, denn wir fahren,
Denn wir fahren gegen Engeland, Engeland.
Weer staan moeder met kind
in oude winden die het gehuil van naakte mensen
over een oceaan van tijd verspreiden.
O, dat briesje van de nieuwe tijd,
o dat gecamoufleerd gehakkel
van een land dat weer zijn goden kiest
uit het bekende loeiend stamboekvee.
Das gesundes Volksempfinden:
frituren en fraterniteiten,
netjes verpakt in manhaftig verzet
tegen wat ons vreemd en te vrijmoedig is.
Tot er niemand meer
op de heuvel staat
en de wind gevangen is
in het trotse orgel van het nieuwe heldendom.
'Daar is maar één land, dat mijn land kan zijn.
Daar is maar één vreugd, daar is maar één pijn,
Daar is maar één liefde, daar is maar één haat...'
Wie niet dezelfde haat en pijn kan voelen,
en wie nog andere liefdes koestert,
is gewaarschuwd.
De foto is van Heinrich Kühn (Oostenrijker, in Duitsland geboren, 1866-1944)
Titel: De wind.
Op platinum geprint (Alfred Stieglitz Collection, 1933)
12:47 | Commentaren (0) | Email dit
05-10-10
ZICHTBAARHEID

Wat achter zomerweelde zich verborg,
zich onaantastbaar in de lange dagen
waande, wordt uit zijn waan getild
en eens de mist is opgetrokken te kijk gezet.
Het huis, geschonden door de jaren,
scheefgezakt en uitgeleefd, de kanker
nestelde zich met duiven in lege kamers,
hoort in zijn laatste dromen al de slopersvoeten.
In de winter van mijn leven, nu ontzielde jaren
tot herinneringen zijn geharkt,
en spinseldraden licht in druppels vangen,
word ik verhaal, oud blauw antiek.
Mijn scheuren en mijn scherven, de waarborg
voor geleden jaren, de stempels op mijn rug
't bewijs dat het wat kosten mag,
maar nooit mag ik nog brood of melk bewaren.
09:49 | Commentaren (0) | Email dit
26-09-10
DE LACHSPIEGEL

Verzilverd
maar opgebold of ingebogen,
uitgerokken, ingedrukt
en niet gelogen:
het is dezelfde mens die voor de spiegel staat.
Zo schilderen redacteuren
met waarheidsserum opgekweekt,
het vlees dat wij verscheuren
tot op het bot of op de graat,
en snuiven graag verteerde geuren
eens 't volk zijn scheten laat:
'dat zoiets kon gebeuren!'
Weinig wol
en veel geblaat.
Prent: 'Multatuli in de lachspiegel', een spotprent van Johan Braakensiek, bijvoegsel van De Amsterdammer, weekblad voor Nederland, 26 oktober 1913
11:06 | Commentaren (0) | Email dit
04-09-10
SINAASAPPEL

15:02 | Commentaren (0) | Email dit
23-08-10
IN DE TUSSENTIJD

Nog niet de nacht, maar ook geen dag.
Het schemert steeds
tussen de tijd
waarin gestorven en geboren wordt.
Minnaars van de schemering
hebben zoete ogen en een bittere mond.
Wie de dag snoeit, ent de nacht
in glazen tuinen waar wij overwinteren.
Een kast vol zoete nachten en bittere dagen.
Glad gestreken op klerenhangers van het geheugen
zijn ze geprikte vlinders achter glas.
Geleerde commentaren en boenwasgeuren
maken hen verder onbewoonbaar.
Het voorbije, een pied à terre
waarin je wegzakt,
een tranerige slijkgrond,
een vervalste waterzon
die schroeit noch droogt.
Anderen schrijven het protocol van het toekomende:
zuinigheid en zelfbeheersing
waarborgen een ivoorwitte oude dag.
Ik ben een jongen van de tussentijd.
Een verwaaide ziel in de schemering.
Tussen papierriet woon ik
waar wonderlijke wezens ademen.
De waagschaal weegt wat was en komt.
Een lettergieterij, kanariezaad,
een hart in een sint jacobsschelp,
genezen maanblindheid en dagdromerij.

schilderijen zijn van de Amerikaanse schilder John Frederick Kensett
11:29 | Commentaren (0) | Email dit
18-08-10
WENDINGEN

Waarom
draait de rivier,
sterft het kind,
staan de koeien, gat naar de wind,
breekt een vriend je de nek,
kust een onbekende je op de lippen,
ratelt de regen,
verblijven wij op aarde,
zingen de monniken,
stinken kranten naar leugens,
stijgt de temperatuur,
gooien mensen zich op de grond voor god,
grijpen wij naar goud en zilver,
verbergen wij onze angsten
lezen we op het toilet,
en verlaten wij het leven,
terwijl de merels zwijgen.
Wendingen zijn het, kind,
wendingen die ons
tot een roerloos cocon omwinden.
Wat gisteren was, zal morgen zijn.
Het regent sterren terwijl je slaapt.
grafiek: El Lissitsky, 1921
23:41 | Commentaren (0) | Email dit
04-08-10
MET EEN HUIS IN ZIJN HART

17:05 | Commentaren (0) | Email dit
28-07-10
DE SPIEGEL

Toen hij nog een jongen was,
in het voorbijlopen
teruggekeerd,
zag hij achter de spiegel
zichzelf als oudere man
begrijpend glimlachen.
Toen hij een oudere man was,
bij het scheren
één stap achteruit gezet,
zag hij achter de spiegel
zichzelf als jongen
hoofdschuddend wenen.
In het spiegelglas
verraadt de andere
alleen de buitenkant:
een te haastig kind,
een mens met zessen,
vermomming,
engelenreuk of boetekleed.
Een transparante blik
hoort bij de liefdevollen
en de zwijgzame
die je uiteindelijk omarmt.

14:24 | Commentaren (0) | Email dit
22-07-10
ZOMERNACHTEN

12:01 | Commentaren (0) | Email dit
14-07-10
THREE VIEWS OF A SECRET

Gedroogde geheimen:
vader-zoon en geest,
uitgedronken bron
bij de grijze wanhoopsmuur.
God ontmaskeren,
hobby van de nijvere redacteur
-de wereld vastgebonden
onder zijn snelbinder van gelijk-
een speelkaart
doet de spaken ratelen
bij gebrek aan motorkracht.
Takketak takketak,
(misschien denkt hij aan een mitralleur)
de kranten trekken hun jongenssokken recht.
Verdord, verdreven, verdroogd
onder de stoere letters, paginageil.
God in het herbarium
van de voltooide tijd.
Takketak takketak.
Ook uit deze diepte roepen wij.
Groot geheim dat ons met moed besmet.
Uit het verdroogde
zoekt het zaad
naar zachte aarde.
Onnoembaar
zoals het licht dat boven de huizen kruipt.
De hongerigen
drinken,
de dorstigen
smaken
hoe het donker wijkt.
Geliefden
noemen elkanders naam.
De dag begint.
schilderij: Three views of a secret, Jean Gauthier.
12:43 | Commentaren (0) | Email dit
08-07-10
DE TIJD, MIJN LIEF

De tijd, mijn lief,
is een kladschilder.
Vlees vermaalt hij tot gebeente,
het lieve woord slijpt hij
tot een gevleugeld onding.
De tijd, mijn lief,
verhangt ongevraagd de bordjes.
Hij rekent af,
het groot gelijk altijd aan zijn kant
als hij langs de graven loopt.
De tijd, mijn lief,
versnelt de zoete nachten
en verrimpelt met een lach
wat met heiligheid was platgestreken.
Als kruimels strooit hij foto's
op weg naar huis, waar moeder zong
en vader eeuwig bij het haardvuur monkelde.
Een valsemunter is de tijd.
Waar hij ons verbergen zal, mijn lief?
Waar hij hoofdschuddend
onze kinderen in hun carrière
zal begraven?
Hij wacht
tot wij hem in onze liefde binnenlaten,
genadeloos maar onbevreesd.
Waar hij ophoudt
hoop ik nog steeds bij jou te zijn,
mijn lief.
Hij heeft zijn tijd gehad.
Wij zwemmen naar de oever.
schilderij: Rimi Yang, NY
| Tao and "the Best Art" Shen Tusn-Ch'ien, one of old Chinese master painter explains Taoist thoughts about painting:the art form is perceived, in essence, as an act of creation, beginning in the formlessness of the Tao, transforming in time and pattern into creation: what is captured is a universe in miniature, a microcosm.The artist creates 'this wu-wei, not forcing the brush, not thinking discursively, but moving with sensitivity in the moment.In this way, painting becomes a form of meditation, a means of discovering union with tao, an accomplishment evident in the very best art |
![]()
10:46 | Commentaren (0) | Email dit
01-07-10
DE MEISJES IN HET ZONLICHT

Wij gingen openbloeien,
de meisjes in het licht
en de jongens,
kleurenzot
en licht genoeg
om honderd jaar te worden,
riepen:
blijf staan, meisjes,
blijf in dat licht
tot het nooit meer licht zal worden.
Gehoorzaam, toen nog wel,
stonden zij in gezelschap
van het duizendkruid terwijl
ligustergeur ons besmette
en wij beseften
dat god alleen een vrouw kon zijn
of in jonge dagen,
toen de goden nog op de besneeuwde olympus woonden,
ook een jongen
die durf en sierlijkheid vermengde
tot de botte jaren hem een harnas zouden tuigen.
Winden kwamen en seizoenen smolten
en de meisjes bleven in het geheugen
van de oude mannen
telkens de gierzwaluwen
de luchten opensneden.
Er zijn dagen dat het niet donker wordt;
tuinen borrelen van gemurmel en de klank
van glazen waarin vergeten wordt geschonken.
Dan wachten de mannen
op de maan,
en zal er hier en daar een oude wolf
janken als de wijn het cement van jaren
heeft verbrokkeld.
De meisjes
brengen een glaasje water
of een kleenex,
zij zullen morgen weer op post zijn.
schilderij: Mesjes in het zonlicht, Philip Leslie Hale 1897 (USA)
18:06 | Commentaren (0) | Email dit


